26 november 2011

GSM's anno 2011

14 was ik toen ik mijn eerste mobiele telefoon kreeg. Een tweedehands motorola. Ik zat in de tweede klas van de middelbare school en moest hiervoor elke dag 20 kilometer heen en weer reizen. Handig dus om naar huis te kunnen bellen als het openbaar vervoer vertraagd of volledig afwezig was. Meer dan bellen kon ik er overigens ook niet mee. In die tijd werd smsen namelijk nog niet door alle providers aangeboden. Een 'echte' telefoon dus.
Ik vond het maar wat stoer toen. Ook al kan niemand zich daar nu nog wat bij voorstellen; zo blij zijn met een telefoon die 'niks' kan. Want dat is toch hoe wij nu zouden denken over een telefoon die alleen kan bellen, ondanks dat dat de oorspronkelijke functie ervan is?

De eerste dag dat ik mijn telefoon had liet ik hem apetrots aan mijn klasgenoten zien. In de les borg ik hem netjes op. Met een tweedehands telefoon krijg je echter een tweedehands nummer en totdat alle contacten van de eerste eigenaar daarvan op de hoogte zijn, verstrijkt helaas flink wat tijd. Mijn telefoon ging dan ook meteen die ochtend af tijdens de les. Ik herkende mijn beltoon nog niet, dus keek ik samen met de klas rond, zoekend naar de schuldige, totdat ik besefte dat het geluid uit mijn jaszak kwam. Met een rood hoofd zette ik hem snel uit. De leraren moesten indertijd gelukkig nog net zo wennen aan die mobieltjes als wij, waardoor mijn lesverstoring onbestraft bleef.

We zijn nu 10 jaar verder. Telefoons kunnen naast bellen zóveel meer dat ik het hier niet eens ga typen. Het zijn kleine computers geworden. In 2001 hadden we dit als science fiction gezien die voorlopig geen realiteit zou worden. De mobiele telefoons zijn niet meer uit onze levens weg te denken.

Af en toe vraag ik me af hoe blij we moeten zijn met die ontwikkeling. Is het echt een verbetering? Zijn onze levens leuker geworden? Met een mobiele telefoon kan je áltijd iedereen bereiken. Met internet op je telefoon heb je áltijd alles voorhanden. Je kan iedereen bellen, alles opzoeken.. uitstellen is niet nodig. Is dat nou echt zo goed?

Soms denk ik van niet. Als ik in de bioscoop word afgeleid door de verlichte schermen van mobieltjes (wat ik écht niet snap.. want waarom betaal je 10 euro voor de film als je die film niet boeiend genoeg vindt om helemáál te kijken?), als een vriend(in) zijn/haar aandacht (onsuccesvol) verdeelt tussen ons gesprek en zijn/haar telefoon...

Ik zie mezelf niet als zo'n telefoonverslaafde (ook al baal ik wel hard als ik hem ben vergeten). Als ik alleen ben gebruik ik hem veel, maar in gezelschap vind ik het niet meer dan normaal om je telefoon op te bergen. En tijdens een film kijk ik naar die film. In de trein bel ik hooguit met een laag stemvolume en bij de kassa van de supermarkt pauzeer ik een telefoongesprek even uit beleefdheid naar de cassière.

Desondanks gaat volgende week mijn nieuwe telefoonabonnement in; weer mét een (flinke) internetbundel. Wordfeud is namelijk geweldig, overal treintijden en busdienstregelingen kunnen checken is erg handig, binnenkomende mails meteen kunnen lezen en eventueel beantwoorden heeft ook zo zijn voordelen en waar ik ook ben een berichtje op twitter of facebook kunnen plaatsen is ook fijn.

Ik hoop wel dat de 'rage' ooit wat zal afzwakken. Dat die telefoons weer wat meer een gebruiksvoorwerp worden en wat minder een extra plastic ledemaat. Want waar we op onze telefoon absoluut en zeker weten niks willen missen, missen we in het hier en nu steeds meer...

11 november 2011

Rijm.

Schrijven is voor mij als dichten zonder rijm,
hoewel gedichten zonder rijm ook heel mooi kunnen zijn.

Soms zijn liedjes ook zonder rijm,
maar misschien kan dat alleen als ze als grap bedoeld zijn.
(bijv. dit liedje)

Wat ik hier gebruik heet klinkerrijm,
iets wat misschien voor goede dichters valsspelen zal zijn.

Ach, ik blijf wel schrijven zonder rijm,
laat dat rijmen over aan zij die er écht goed in zijn.

3 december 2010

Voor het eerst...

Sommige dingen zijn niet te vermijden als je volwassen wordt. Dat hoort bij het leven.
Dit bepaalde ding had ik misschien nog een jaar kunnen uitstellen, of nog wel meer, maar ik kies ervoor om nu in het diepe te springen, om nu onder moeders vleugels vandaan te komen. Ik ga mijn eigen verjaardag organiseren. Voor het eerst. Zelf plannen. Zelf uitnodigen. Zelf boodschappen doen. Zelf voorbereiden.

Nu is een verjaardag vieren niet bepaald rocket science. Dus ik ga ervan uit dat ik over een paar weken prima voorbereid aan mijn feestje ga beginnen. Daarbij speelde ik als klein Nathalietje al "obertje" vanaf het moment dat ik zonder knoeien met een glas kon lopen, en hielp ik mee met hapjes maken vanaf het moment dat ik bij het aanrecht kon. Geen blanco CV op feestgebied dus.
Maar toch voel ik me een groentje.
Want hoeveel eten moet ik kopen? Hoeveel drinken is er nodig? Welk merk bier drinken mensen? En wat voor wijn? Is brood met soep te onorigineel als avondmaaltijd? (wel makkelijk in elk geval...) Wanneer moet ik beginnen met boodschappen doen? En hoeveel tijd moet ik voor de voorbereiding inplannen? Heb ik wel genoeg glazen? (en kopjes, en borden?)
Waarschijnlijk bestaan er geen antwoorden op mijn vragen. Volgens mij is een verjaardag plannen één grote gok. Desondanks zitten er nú al vele uren aan denkwerk in.

Enkele dagen geleden deed ik mijn eerste verjaardagsboodschappen. Blokjes kaas in de aanbieding met een lange houdbaarheidsdatum. Het heeft me 5 minuten gekost voor ik wist welke soort en hoeveel ik zou gaan kopen. De bijbehorende gedachtegang zal ik jullie besparen. Maar duidelijk mag zijn dat ik genoeg (twijfel)tijd voor boodschappen doen moet inplannen.

Uiteindelijk gaat het wel gewoon goed komen hoor. Ironisch genoeg is dat het enige waarover ik niet twijfel.

28 november 2010

De tijd vliegt...

In juni schreef ik over het behalen van mijn masterdiploma en mijn zoektocht naar werk. Ik vertelde dat ik aan de hoge eisen op de universiteit heb voldaan, maar dat er op de arbeidsmarkt weer heel andere eisen gelden, dat ik als jong en onervaren werd afgeschreven bij elke sollicitatie. In juni duurde mijn zoektocht nog maar een maand. Maar ook de maanden erna duurde deze voort. Soms ontbrak me even de hoop. Want jong blijf ik nog wel even, en onervaren blijf je ook als je nergens wordt aangenomen.

Toch keerde het tij. Inmiddels alweer 3 maanden geleden. 25 augustus had ik een sollicitatiegesprek, 30 augustus stemden we de arbeidsvoorwaarden af en 6 september ben ik begonnen, als autismecoach. En ik heb er hier nog steeds niets over geschreven! Om daar verandering in te brengen typ ik dit stukje tekst.

Ik schreef in juni dat ik het een rare overgang vond. Dat ik niet meer de oudste en de grootste was (zoals op de universiteit), maar de jongste en de kleinste (nu op de arbeidsmarkt). (Nou ja, eerlijk gezegd ben ik meestal de kleinste, de grootste ben ik eigenlijk alleen in de figuurlijke zin van dat woord geweest.)
Nu ik die overgang écht heb gemaakt, vind ik hem nog steeds raar. Maar dan doel ik niet op het werken zelf, want die professionele rol bevalt goed. Maar onverwacht gaat de rest van mijn leven mee in die verandering. Alles moet opnieuw worden bepaald, alles moet opnieuw een plekje krijgen. Nieuwe waarden, nieuwe prioriteiten. En daar heb ik best moeite mee (gehad?).
Best verwonderlijk misschien, want ook tijdens mijn studie had ik een huishouden, hobby's en sociale contacten. Maar nu ik 32 uur per week werk is het me opeens een raadsel hoe ik dat allemaal moet combineren. De weken vliegen voorbij, en regelmatig vraag ik me af: hoe lang is het geleden dat ik heb gestofzuigd? hoe lang geleden is het dat mijn keyboard aan heeft gestaan? hoe lang geleden is het dat ik die ene vriendin heb gesproken? hoe lang geleden is het dat ik een leuk boek heb gelezen? hoe lang geleden is het dat ik lekker voor mezelf heb gekookt? hoe lang ligt die strijk al te wachten?

De tijd vliegt opeens. Harder dan ooit. En het is me nog niet gelukt om daaraan te wennen. Noodzakelijkerwijs is het me wel gelukt om sommige latten wat lager te leggen, om minder eisen te stellen aan mezelf. Want dat wennen heeft kennelijk tijd nodig.
En hoe hard de tijd momenteel ook vliegt, die wen-tijd vliegt, als enige, kennelijk, niet.

17 augustus 2010

Surprise-party! (foto-verslag)

Het was zondag 15 augustus, kwart voor 2, en ik haalde mijn broertje op bij mijn moeder om op bezoek te gaan bij oma. Broertje woont in Eindhoven, en is weinig in Rotterdam, en nog minder bij oma, maar in de vakantie lukt het hem soms wel eens om een gaatje te vinden om langs te gaan. Op het laatste moment gingen onze mama + Rokus (haar vriend mijn stiefpapa?) ook mee, en of we dan even in Krimpen a/d IJssel bij de golfplas wilden stoppen, want zij moesten daar even zijn voor een of ander internetspel (zo mag ik het vast niet noemen van Rokus, maar hij heeft pech). Bij de golfplas werd ik al gespot, zonder het te weten.


Met een smoesje (bleek uiteraard achteraf) werd ik mee naar binnen genomen. Bij het eerste bekende gezicht in de zaal, dacht ik nog: 'toeval'. Bij het tweede t/m 20e gezicht werd die optie steeds kleiner. Langzaam drong het tot me door. Dit zijn míjn mensen*.. ze wachten hier op mij!.. dit is georganiseerd voor mij!.. dit is mijn diplomafeestje!!! (Georganiseerd door oma, zoals zij me vervolgens kwam vertellen.)


En bij een feestje horen natuurlijk cadeautjes!











En bij een diploma hoort een graduation cap! (deze was helaas te klein, en na het losknippen van de elastieken band te groot, maar het gaat om het idee!)


Na het uitpakken van een ontzettend verwennende hoeveelheid aan cadeautjes, "enveloppen" en cadeaubonnen hebben we met zijn allen uitgebreid genoten van een heerlijke High Tea. Thee-leutend en hapjes-etend werd mijn recent behaalde titel (Msc.) gevierd.










Het duurde even voor ik van de schrik was bekomen, maar ik trilde al aanzienlijk minder tijdens het vasthouden van mijn tweede kop thee. Een surpriseparty... voor mij! Ik als controlefreakje roep al jaren dat ik geen type ben voor een dergelijk feest. Ik dacht altijd dat ik vanaf het 'surprise-moment' de organisatie volledig over zou willen nemen en dan zou willen compenseren voor de eerdere organisatie in de voorafgaande weken. Maar dat viel voor 200% mee. Het was prima geregeld en ik kon gewoon aanschuiven aan een tafel en de rest aan het personeel overlaten. En natuurlijk is zo'n verrassing gewoon ontzettend leuk!!! Ik ben heel dankbaar dat oma dit heeft georganiseerd, en dat ze is geholpen door een aantal mensen die mij goed kennen. Ik heb een erg leuke middag gehad. En wat een hoop lekkers hadden we! High-tea-en is echt leuk! Dat heb ik eerder dit jaar al een keer ervaren, maar hoe leuk ik al die kleine hapjes vond was kennelijk alweer weggezakt. Tijdens het eten ontstonden meteen plannen om dit zelf te organiseren, in Amerikaanse stijl; dus dat iedereen iets lekkers meeneemt. Hopelijk gaan dat plan nog veel gezellige middagen opleveren!

Halverwege mijn feest, kwam een tweede 'schok'. Ik realiseerde me namelijk opeens dat ik mijn bewijs van afstuderen in mijn tas had gedaan om die -net als vroeger bij mijn schoolrapporten- aan oma te laten zien. Die heb ik dus nog even geshowd aan de verschillende tafels. Mijn echte diploma krijg ik pas 22 september. Er is namelijk maar 4x per jaar een diplomauitreiking namens de faculteit sociale wetenschappen. Maar in de tussentijd kan je wel een bewijs van afstuderen krijgen. Gelukkig had ik die toevallig meegenomen! Nu kon ik zwart op wit laten zien dat de reden voor het feestje gegrond was.

Na het feest was ik echt doodmoe.. al die indrukken en het verwerken van de 'schok' kostten een hoop energie, maar uiteraard was dat het volledig waard.

Aan alle organisatoren en gasten: BEDANKT!
Ik ben blij dat ik het behalen van mijn diploma door en met jullie heb kunnen vieren.



Deze blog is mede mogelijk gemaakt door Brasserie Crimpenerhout.
(Deze foto is mede mogelijk gemaakt door de eindeloze creativiteit van Rutger.)


* Helaas ontbraken enkele voor mij belangrijke mensen bij dit feest omdat ze niet in het land waren, of andere verplichtingen of prioriteiten hadden. Ik vond het jammer dat jullie er niet waren, maar hoop jullie snel weer te zien!

20 juni 2010

Iets over hoge eisen en nog hogere latten.

Maandenlang neem ik me al voor om hier weer eens wat te schrijven. En al maandenlang keur ik alle ideeën die in me opkomen af. Na zo'n lange stilte, moet er immers een schrijfsel van hoog niveau verschijnen. Een comeback moet groots zijn, anders is het zinloos. De lat ligt dus hoog. Daarom liggen er wel vier notitieblaadjes met onuitgewerkte ideeën naast mijn beeldscherm, maar heb ik geen van alle goedgekeurd om dit stuk tekst te worden. Het ene idee is te serieus, het andere onderwerp te raar en het volgende te negatief. Niks is goed genoeg. Dus schreef ik niks. Ja, ik schreef onderzoeksverslagen op mijn stage, en schreef eindeloos nieuwe versies van mijn scriptie. Oh, en sinds kort schrijf ik sollicitatiebrieven. Bergen sollicitatiebrieven. Men schreef ook terug: bedankt voor uw interesse in onze vacature, helaas kiezen wij ervoor de sollicitatieprocedure met andere kandidaten voort te zetten, omdat zij in grotere mate voldoen aan de functie-eisen.

Ondanks dat ik al 23 jaar de lat zo hoog leg als ik kan reiken, ondanks mijn universitaire opleiding waarbij ik massa's extra vakken volgde en stage liep bij een instelling die prachtig staat op mijn CV, ondanks mijn harde werken en wat noodzakelijke opofferingen.. ondanks dat ik de meest hoge eisen stel aan mezelf, voldoe ik -kennelijk- niet aan de eisen van anderen.

Het duurt niet lang meer voor ik de titel MSc. krijg: Master of Science. Wat betreft opleiding kan je niet veel meer bereiken op je 23e. Ik kom uit een wereld waar dat bijzonder is, waar goede studieresultaten gelijk staan aan gouden medailles, waar zes vakken in één semester doen als een onwaarschijnlijke prestatie wordt gezien. Het maakt in die wereld niet uit hoe oud je bent, wat je verder met je leven doet en hoe je eruit ziet. Alleen tentamens, papers, artikelen en verslagen zijn belangrijk. Ik functioneer prima in zo'n wereld: ik voldoe aan alle eisen.

Binnenkort moet ik verhuizen naar een andere wereld. Ik heb al kennis mogen maken. Dat deed ik door middel van zo'n twintig sollicitatiebrieven. Twintig afwijzingen later weet ik nog niet of ik die andere wereld wel zo leuk vind. De eisen zijn anders. En ik voldoe niet meer. Het kan niemand wat schelen dat ik op mijn 23e afstudeer. En niemand vind het boeiend hoeveel keuzevakken ik heb gedaan en wat voor cijfers ik had. Het betekent niks hoe intelligent en ambitieus ik ben. Ik ben vooral jong en onervaren.

Een rare overgang. Het doet me denken aan de overgang van groep 8 naar de 1e klas van de middelbare school. Het ene moment ben je de oudste en grootste en kijkt iedereen naar je op, het volgende moment ben je de jongste en kleinste en kijkt iedereen op je neer (en loopt zo mogelijk door je heen). Dat is even wennen, maar elke brugpieper overleeft het. En ach, ook ik ga dit natuurlijk overleven. Ik ben nog niet eens afgestudeerd. Bovendien is vakantie zeer welkom, dus laat mij nog maar even van mijn werkloze bestaan genieten.
Ik zal de tijd dat ik thuis zit gebruiken om hier regelmatig wat te schrijven. Er liggen in ieder geval vier ideeën, die na deze comeback meer kans op uitwerking maken. Ik beloof dat ik de lat laag zal houden.
En hé.. misschien heb ik wel genoeg 'vrije tijd' voor dat boek waar ik zo graag werk van wil maken! Mogelijkheden te over.

24 oktober 2009

Droomverhaal.

Mensen die mij goed kennen, weten dat ik ooit een boek wil schrijven. Dat een uitgeverij, ergens in de komende tientallen jaren van mijn leven, mijn boek gaat uitgeven. Maar dat de inspiratie tot nu toe wat ontbreekt. Ik hoef er niet beroemd mee te worden ofzo. Maar dat mag natuurlijk wel. En ook niet rijk. Maar mag ook wel. Als het boek er maar komt. Het is gewoon een levensdoel, ofzo.


Toen ik vanmorgen wakker begon te worden, stond de droom die ik net aan het beleven was me nog helder voor ogen. Een aparte droom, boeiend verhaal. In een half wakkere toestand fantaseerde ik wat verder. Ik besloot dat ik mezelf zojuist een mooi cadeau bij elkaar had gedroomd. Met wat uitwerking en een hoop verbeeldingskracht toegevoegd was daar het plot van mijn boek. Mijn boek! Enthousiast mijmerde ik wat verder. Eindelijk kon ik mijn boek schrijven! Mijn geluk kon niet op tijdens die eerste 5 minuten van deze dag. Nagenietend van mijn openbaring bleef ik nog even onder mijn dekens liggen en gleed weer wat weg richting dromenland. Na wat slechts twee seconden leken deed ik mijn ogen weer open en ontdekte met een schok dat ik mijn laatste gedachte niet kon terughalen. En hoe wakkerder ik werd, hoe vager mijn herinneringen werden; hoe harder ik probeerde na te denken, hoe ongrijpbaarder mijn droom werd. Tot er weinig meer van over was...

Het was iets met een meisje.


En een ander meisje...


en...


???

9 augustus 2009

Egyptische gedachten

...vrijdag 31 juli 2009...


Het is iets wat ik me al een aantal keer heb afgevraagd in de afgelopen jaren; sinds de politieke discussie over hoofddoekjes en burka's, om precies te zijn. In ons vaker-koude-dan-warme-zeeklimaat, zou ik misschien amper last hebben van de verplichting om zoveel mogelijk huid en vrouwelijke vormen te bedekken. Echter, hier in het semi-tropische Egypte, waar het kwik in de thermometer met gemak 40 graden Celsius haalt, waar de wind geen koel zeebriesje, maar een hete woestijnwind is en waar verbranden in de schaduw doodgewoon is, is dat een ander verhaal.

In de hitte van de vallei der koningen, klaagden wij, de Nederlanders, dat het zo warm was, dat we baadden in het zweet en dat nergens in de hele f*cking vallei een koopman ons blikjes drinken kon aanbieden, maar dat je wel iedere anderhalve meter een brutale verkoper van je af moest slaan omdat die ansichtkaarten van hem, net als die van zijn honderd vriendjes die we eerder tegenkwamen, écht niet interessant zijn, hoe goedkoop hij ze ook maakt... Terwijl wij zuchtten en steunden liepen een paar Islamitische vrouwen een graftombe binnen. Een mix van respect en afkeer borrelde in me omhoog. De vrouwen droegen een lange broek, een t-shirt met lange mouwen, en daarover nog een jurkje of rokje. Een hoofddoek maakte hun outfit compleet. Hoe ze het in al die kleren in de warme zon en hoge temperatuur uithielden was me een raadsel. (Dat alles zwart (of een andere donkere kleur) was, deed het daarbij zeker niet koeler lijken.) Een groter raadsel, echter, is wat mij betreft waarom vrouwen volgens hun geloof zo gekweld moeten worden. Vooral als je daarbij bedenkt dat de Islam voornamelijk hoofdgodsdienst is in landen waar de temperatuur zelfs in de 'koudste' winternacht korte mouwen en teenslippers toelaat. De God die dat heeft bedacht, heeft niet goed opgelet tijdens de aardrijkskundeles over klimaatsoorten en hun verdeling over onze aardbol.

Vandaag kreeg ik door middel van een levensecht voorbeeld antwoord op de regelmatig in mijn hoofd terugkerende vraag over hoe (en óf?) Islamitische vrouwen zwemmen.
Ze zwemmen, ja. Hoe? In kleding die wij Westerse mensen nooit als badpak of bikini zouden herkennen of benoemen: een lange legging-achtige-broek bedekt hun benen tot aan de enkels, daarop dragen ze een hoogsluitend t-shirt met lange mouwen, en net als bij hun dagelijkse outfit camoufleert een daaroverheen aangetrokken jurkje hun vrouwelijke vormen. Een, naar het lijkt, speciaal als badkledij gemaakte hoofddoek zit strak om hun haren gespannen. Wederom zijn deze outfits voornamelijk zwart. (Een kleur die ik hier in de felle zon zo min mogelijk in mijn kleren terug laat komen.) Geen ideale kledingkeus dus voor een dagje zwembadhangen in Egypte, wat mij betreft, maar voor die vrouwen -denk ik- de normaalste zaak van de wereld.

Ik kan niet kiezen tussen mijn respect en afkeer. Ergens bewonder ik de toewijding aan hun geloof. Zo'n grote opoffering zie ik de gelovigen om mij heen niet maken. Toch komen behalve het woord 'opoffering' ook woorden als 'onderdrukking' en 'dwingen' en 'vrijheidsbeperking' omhoog. Woorden die een flink nare bijsmaak aan mijn bewondering geven.
Bij mij zou niemand moeten proberen om me dat soort kledingvoorschriften op te leggen. Maar de Islamitische vrouwen zijn er natuurlijk mee opgegroeid. Aan de andere kant weet ik eigenlijk niet of dat zoveel uitmaakt. Zij zien immers ook de Westerse gebruiken en zijn daar misschien wel (gedeeltelijk) jaloers op...
Ik kan dus niet kiezen. Respect en afkeer wisselen elkaar af. Ik hoop in ieder geval dat de mannen van de betreffende vrouwen beseffen hoe groot hun opoffering is en ze daarvoor met gepaste respect en bewondering belonen.

28 juni 2009

Taalverloedering.

Ken jij het verschil tussen na en naar nog?


Of vind je het net als veelsommige Nederlanders niet bepaald belangrijk meer om deze tijds- en plaatsbepaling van elkaar te onderscheiden, omdat ze qua uitspraak en schrijfwijze toch wel zo ongeveer voor de helft op elkaar lijken?

11 juni 2009

...

...en toen hoefde ik héél even niks meer van mezelf...



...en ontdekte ik dat ik was vergeten hoe dat niks-doen moest...