31 januari 2008

Top 3 trein-irritaties

1.
"Hoiiiiii, hoe gaat het?" ... "Wat? Wat zei je?" ... "Sorry, ik versta je heel slecht." ... "Oh, ja... bladibla" ... "Wat zei je?" ... "Ja, ik zit in de trein, dus ik hoor je niet goed." ... "Ik zei: ik zit in de trein, dus ik hoor je niet goed." ... "Volgens mij versta je mij ook slecht hè?" ... "Maar ehm... het gaat dus wel goed met je?" ... "Wat zei je?" ... "Oh, ok.. mooi!" ... "Sorry?" ... "Ik versta je echt heel slecht... wat zei je?" ... "Oh, ja, met mij gaat het prima."

Ik neem aan dat verdere uitleg overbodig is.

2.
"Goedemorgen, reizigersonderzoek, uw vervoersbewijs, alstublieft?"
Op het moment dat je dat hoort, mag je als zwartrijder het zweet van je voorhoofd vegen en opgelucht ademhalen. Je bent namelijk niet verplicht om mee te werken.
Nog voordat de controleurs een meter verder waren, kwam er een man van middelbare leeftijd aanlopen. De controleurs versperden het middenpad, dus was de man genoodzaakt om te vragen of hij erdoor mocht. "Pardon?", zei hij, hopend dat dat de boodschap zou overbrengen. Meneer de controleur begreep het prima, maar antwoordde met: "Mag ik uw vervoersbewijs nog even zien?" "NEE", zei de man op een bijtende toon. "Nee?", vroeg de controleur beduusd. "NEE", zei de man nog een keer en voegde er nog een dat-zei-ik-toch-net-al-en-jij-kan-mij-toch-niets-maken-toon aan toe.
De controleurs gingen, duidelijk van hun stuk gebracht door de snerpende woorden van de man, opzij om hem erdoor te laten.

Kijk. Ik snap best dat je soms per ongeluk met je verkeerde been uit bed stapt. Maar als de NS mensen inzet om de treinen en hun dienstregeling te verbeteren, dan lijkt het me een bijzonder kleine moeite om even je kaartje uit je broek- of jaszak te toveren en deze te laten zien. Ik snap niet waar mensen de arrogantie en de asocialiteit vandaan halen, om te zeggen dat ze niet meewerken, zeker op een manier als ik hierboven beschreef. Als héél de coupé naar zijn vervoersbewijs grijpt, wie denkt die man wel helemaal niet te zijn, om dan zo stug en koppig te weigeren om mee te werken?

3.
"Goedemiddag dames en heren, het volgende station is Den Haag Hollands Spoor, ik herhaal: het volgende station is Den Haag Hollands Spoor. U kunt hier overstappen op de stoptrein naar Rotterdam, deze zal over enkele minuten vertrekken van spoor 3. Dit spoor is aan de overkant van het perron waar we zo zullen aankomen. Ik herhaal: Straks op Den Haag Hollands Spoor kunt u overstappen op de stoptrein naar Rotterdam, deze zal over enkele minuten vertrekken van spoor 3. Dit spoor is aan de overkant van het perron waar we zo zullen aankomen. Deze trein zal na Den Haag Hollands Spoor doorrijden als sneltrein en zal stoppen op de stations: Delft, Schiedam Centrum, Rotterdam Centraal, Rotterdam Lombardijen, Dordrecht en zal daarna doorrijden als stoptrein naar Breda en hierbij stoppen op alle tussengelegen stations.
Goodafternoon, ladies and gentlemen, next stop is The Hague HS (spreek uit als: eetsj es). In The Hague HS you can transfer to the stoptrain to Rotterdam Central Station. That train will leave in a few minutes from the other side of the platform. I repeat: next stop is The Hague HS. In The Hague HS you can transfer to the stoptrain to Rotterdam Central Station. That train will leave in a few minutes from the other side of the platform. This train will continue to Delft, Schiedam Centrum, Rotterdam Central Station, Dordrecht and Breda. Ladies and gentlemen, The Hague HS.
Dames en Heren, station Den Haag Hollands Spoor. Deze trein rijdt nog door naar Delft, Schiedam Centrum, Rotterdam Centraal, Dordrecht en Breda. Aan iedereen die deze trein hier gaat verlaten: nog een prettige dag gewenst."

De meertalige spraakwaterval van meneer de conducteur. (En hij-van-vandaag is niet de enige die zo'n stortvloed van vooral overbodige informatie eruit gooit.) Ik weet ook vrij zeker dat ze dat doen om de reizigers te irriteren. Ik kan me namelijk níet voorstellen dat iemand voor de lol vijf minuten lang door een luidspreker gaat lopen praten.



Zo. Mijn top 3 van vandaag.
Maar ik klaag niet hoor. De vorige keer mocht ik tijdens de storm vanaf Den Haag HS naar huis lopen (of iets anders niet-treinigs) en dat kostte me een uur of vijf, dus ik ben blij dat de trein vandaag gewoon lekker naar Rotterdam doorreed. Hopelijk blijven ze dat doen. En morgen ook. Want als er nu weer een 'het gaat misschien sneeuwen, dus we zetten minder treinen in'-mededeling komt, mag de irritatie die op dat moment bij mij ontstaat meteen de eerste plek van bovenstaand lijstje innemen.

21 januari 2008

You don't know what you've got, till it's gone.

You don't know what you've got, till it's gone.

Een veelgebruikte zin in songteksten. De reden daarachter is natuurlijk dat hij onomstotelijk waar is. Wij weten als mensen moeilijk te waarderen wat we hebben, we zien alles als 'gewoon', en zien in dat gewone niets bijzonders meer. Helaas. Want daardoor beseffen we vaak pas achteraf hoe speciaal of belangrijk iets voor ons was.

Ik heb veel mensen na een grote ervaring op dit gebied horen zeggen dat ze vanaf nu de 'kleine dingen' meer gaan waarderen. De kijk op de wereld van zo'n persoon verandert dan ook. Maar slechts voor een korte tijd. Onze ondankbaarheid voor 'het gewone' is chronisch, en geen enkele ervaring verandert dat. Ook al lijkt hij op het moment zelf zo indrukwekkend veel invloed te hebben, dat je wil om je leven te veranderen ontzettend groot is, het lukt ons niet.

Toch moeten we die korte tijd dat we anders tegen ons leven aankijken niet onderschatten, vind ik. In het afgelopen jaar heb ik een aantal mensen ongepland vroeg zien overlijden aan op dit moment nog ontembare ziektes. In de paar dagen na hun overlijden dacht ik iedere keer weer: ik moet meer gaan genieten, want je weet maar nooit wanneer je niet meer kán genieten. Dat gevoel zwakte langzaam af, en was elke keer na een paar dagen weg. Toch waren die dagen bijzonder, omdat ik het gewone opeens als bijzonder ervaarde. Gewone dagen. Verdrietige dagen, zelfs. Die door het het stil staan bij de gewone dingen en deze eens wat meer proberen te waarderen, een bijzonder tintje krijgen.


Ik kan dit hele verhaal ook nog eens omdraaien. Soms zijn er mensen in je leven die je als 'gewoon' ziet, terwijl ze eigenlijk bijzonder zijn. Mensen die je ontzettend waardeert, maar dat niet (vaak) laat merken, omdat ze zo 'gewoon' zijn in je leven.
De momenten dat je die waardering wél laat merken zijn vaak op zichzelf speciaal. Een verjaardag. Of een ander soort feest ter ere van de persoon. Een afscheid voor een langere tijd. Of (helaas, het hoort ertussen) een overlijden. En soms denk ik daar wel eens over na... Of het wel eerlijk is dat we op zo'n speciale dag extra lief doen tegen iemand, terwijl zo iemand dat toch eigenlijk iedere dag in het jaar verdient? En zouden we de mensen die we zo waarderen, dat ook niet wat vaker moeten vertellen?

Puntje bij paaltje is het natuurlijk zo dat ik het allemaal mooi kan neerzetten, maar dat de praktijk anders is. We zijn dit soort dingen immers na een paar dagen weer vergeten. Laten we dan maar die dagen koesteren dat we de wereld net wat bijzonderder zien, en alle mensen om ons heen een beetje extra waarderen. Ironisch genoeg zijn die dagen misschien voorbij, voordat we doorhebben dat ze bezig waren. Want: you don't know what you've got, till it's gone...

12 januari 2008

Sprookjes en musicals.

Toen ik vorige week zondag mijn bed uit kwam, bleek mijn keel 's nachts kapot te zijn gegaan. Enkele dagen later leerde ik dat mijn pijn door een keelontsteking werd veroorzaakt, en kreeg ik van mijn huisarts antibiotica. Op dit moment voelt mijn keel weer helemaal glad, en is het enige wat ik aan mijn ziekzijn heb overgehouden een fikse vermoeidheid, een doorgelegen bank en een pijnlijke hoest.
Niks voor mij hoor, zo'n week ziek zijn. Ik heb vijf dagen lang de meest slechte tv-programma's gekeken, vijf dagen lang niet gewerkt, vijf dagen lang alleen maar in pyjama geleefd, en vijf dagen lang gewacht tot het allemaal weer over zou zijn, want ik verveelde me kapot. Ik had natuurlijk heel mijn boekenkast kunnen lezen (daar was ik echter te moe voor), of iedereen om me heen kunnen gaan bellen om bij te kletsen (helaas had ik geen stem), of bij iedereen om ziekenbezoekjes bedelen (maar wees maar eens leuk gezelschap zonder stem). Wat ik dus deed was wakker worden, pillen slikken, tv kijken en weer naar bed gaan na een paar uur. Niet heel spannend, absoluut niet. Maar ik moest rust houden, en stiekem was dat ook wel het enige waar ik behoefte aan had.

Mijn week had een hoogtepuntje en een dieptepuntje. Het hoogtepuntje was mijn ziekenbezoek van donderdagavond. Toch wel lekker om weer even te lachen. Dat krijgen die slechte tv-programma's niet voor elkaar. Die avond kreeg ik ook de tip om een prins te gaan zoeken, om mijn stem terug te krijgen, want bij de kleine zeemeermin werkte dat ook. Mijn eigen sprookje. De prins heb ik nooit meer gevonden. En mijn stem komt vanzelf en beetje-bij-beetje terug. Hopelijk kan ik als volgende hoogtepunt melden dat ik dinsdagavond genoeg stem heb om een goede zangles te hebben.
Het dieptepuntje was de aanloop naar diezelfde donderdagavond. Puur op de gok had ik enkele weken geleden meegedaan aan een wedstrijd, waarbij ik kaartjes voor Hair de Musical kon winnen. De koorts deed me alles vergeten, zo ook die wedstrijd... totdat ik de kaartjes uit een envelop die ik in mijn brievenbus vond toverde. Ik had gewonnen, maar was te ziek om er zelf naar toe te gaan. Mijn moeder heeft toen een vriendin meegenomen naar Hair en mij beloofd het met een ander avondje uit goed te maken. Gefrustreerd als ik was door heel de situatie, kon dat mijn teleurstelling amper goedmaken. Gelukkig kreeg ik bezoek om me even af te leiden.

En zo was mijn week dus. Een sprookje en een musical, beide aan mijn neus voorbij gegaan.
Over een paar dagen is het echte leven wel weer aan de beurt.

14 december 2007

De Grote Denkfouten

Zoals veel van jullie misschien wel weten ben ik al wekenlang retehard aan het leren. Ik heb nog nooit zoveel tijd aan school besteed volgens mij, behalve misschien met mijn middelbare school examens.
Een week of twee geleden ontdekte ik dat al mijn leuke kleren in de was zaten en dat de inhoud van mijn wasmand al een aantal tientallen centimeters boven de rand van die wasmand uit was gestegen, dus ging ik wassen. Netjes hing ik mijn natte was uit op mijn superhippe droogtoren en alles wat al droog uit de droger was gekomen legde ik georganiseerd op mijn strijkplank. Ik besloot dat strijken er even niet in zat, ik moest immers leren. En de stapel die gestreken moest worden leek eerder een hele dag te kosten, dan maar een paar uurtjes, dus bedacht ik dat het handiger was om tussendoor alleen te strijken wat ik nodig had, en de rest tot het volgende moment dat ik weer tijd had te laten liggen. Een onwijs strak plan, vond ik toen.

Inmiddels heeft mijn wasmand alweer een inhoud van zo'n 2 á 3 machines, maar geschokt realiseerde ik me vanmiddag dat wassen onmogelijk is. Mijn droogtoren hangt immers nog steeds vol, mijn strijkplank is volledig bezet en tijd om het allemaal weg te werken heb ik óók al niet, want ik ben nog stééds aan het leren... Tadaaaahhh... Denkfout 1.
Van het voornemen om 'soms even wat te strijken als ik het nodig had' is overigens ook niet veel terecht gekomen. Ik ben gewoon verder gegaan met de minder leuke kleren uit mijn kast.
Dat is dus Denkfout 2.
Want..: het Grote Gevolg hiervan is: helemáál geen kleren meer om aan te trekken. Niet eens minder leuke. Alleen nog zomerdingen. Maar laat ik het nou nét gisteren officieel winter hebben verklaard...

Hoe ik het nu heb bedacht is als volgt: woensdag is mijn laatste tentamen, ik zorg dus dat ik donderdag inteken om te wassen. (We hebben een gezamenlijk washok, waar je moet intekenen om te kunnen wassen.) Tijdens dat wassen ga ik dan ook meteen strijken, waardoor mijn strijkplank en droogtoren weer vrijkomen voor de nieuwe schone was.
Nu maar hopen dat hier geen denkfouten in zitten...

13 december 2007

Mango's

Ik keek om toen ze zachtjes aan mijn jas trok. Haar gezicht herkende ik meteen. We waren in de C1000 op dat moment, maar in de AH is ze ook vaste klant. Verder weet ik weinig van 'r, behalve dat ze een hond heeft. En dat ze zo'n persoon is die je in één keer raden aan de goede hond zou koppelen. Honden en hun baasjes lijken namelijk soms op elkaar. Zij en haar hond zijn daar een uitstekend voorbeeld van.
Maar goed. Ze trok dus zachtjes aan mijn jas en ik keek om. Ik had op dat moment net een mango in mijn mandje gedaan en was nog een tweede aan het uitzoeken. Ik was dolenthousiast over de prijs van 79 cent, want Mango's zijn heerlijk, maar zó duur vaak, dat ik ze meestal niet koop. Voor 79 cent wilde ik er wel twee hebben, had ik besloten. Totdat zij me aan mijn jas trok, en ik omkeek.
Ze zei dat ze veel te hard waren, en dat ik ze niet moest kopen. Van verbazing zei ik niks. Waarschijnlijk herhaalde ze daarom haar opmerking nog een keer. Van mijn enthousiasme beroofd vroeg ik haar of het niet zou helpen als ik ze gewoon nog een tijdje liet doorrijpen. Ze antwoordde dat dat zinloos was. Want de vrucht zou binnenin al gaan rotten voordat de buitenkant goed zou zijn. 'Oh, ok', zuchtte ik. En ze liep weg.
Daar stond ik dan met mijn mango's. En wat moet je nou op zo'n moment? Of mijn reactie beleefd is of niet, maakt me niet zo uit. Maar of ik geld voor rotzooi ga betalen, boeit me wel. De mango in mijn handen legde ik terug. En na even twijfelen de mango in mijn mandje ook. Ze zal wel gelijk hebben... dacht ik. En ik ging verder met boodschappen doen. Na een tijdje realiseerde ik me dat mijn irritatie over dat korte gesprekje groeide. Waar bemoeide ze zich eigenlijk mee? Mag ik niet meer zelf leren van mijn foute beslissingen? Boven alles: ik wilde gewoon een mango.
Ik liep terug naar de groenteafdeling en legde één van de twee mango's weer terug in mijn mandje. Zo. Ik zou die vrouw eens een poepje laten ruiken, en over een paar dagen van een heerlijk rijpe mango gaan genieten. Ik ben er van overtuigd. Gewoon naast de bananen leggen, toch?

Toch???

12 december 2007

Het gras is altijd groener...

Op het moment dat ik het retedruk heb, lijkt het me altijd fantastisch om eens even alle tijd van de wereld te hebben. Nu is zo'n moment. Volgende week dinsdag en woensdag heb ik tentamens. Grote, belangrijke, moeilijke tentamens. En ik leer me kapot. Echt. En op zo'n moment als dit weet ik altijd honderd dingen die ik zou kunnen gaan doen als mijn tentamens klaar zijn. Geweldige dingen, waar ik nu intens van zou genieten, zeker weten.
Het rare is, weet ik inmiddels uit ervaring, dat ik nooit meer weet wat dan voor dingen zijn, op het moment dat ik het niet zo druk heb. Op zo'n moment verveel ik me, en wens ik meestal dat ze die drukte wat meer over het jaar kunnen spreiden. Het is zelfs zo dat de dingen die me nu zo fantastisch lijken, op dat moment helemaal niet meer zo boeiend zijn. De vorige keer heb ik namelijk een lijst gemaakt van al die leuke dingen, met het voornemen ze allemaal te gaan doen in de vakantie. Je begrijpt het al... daar is niets van terecht gekomen.
Ik begrijp dat niet. Wil ik dan altijd hebben wat ik niet kan krijgen? Is het gras altijd groener aan de overkant?

Waarom lijkt het me nu zó heerlijk om die ene waarschijnlijk-niet-zo-goede-film die net begon helemaal af te kijken, hoe rampzalig slecht hij ook gaat blijken te zijn, gewoon omdat het fantastisch is om lekker een avondje ontspannen met wat te drinken en te eten op de bank te hangen... Waarom is het zo dat ik dat over een maand helemaal niet zo interessant zal vinden? Ik begrijp dat niet. Maar toch is het zo.

Op dit moment moet ik leren. Keihard. En ik wil liever allerlei leuke dingen doen. Straks, als ik klaar ben, vind ik dit dingen niet meer zo leuk. De ironie van het leven

...Ik sla maar weer eens een boek open...

7 december 2007

Toch niet machteloos?

Herinneren jullie je dit logje nog?

Het gaat over het vak seksuologie, waar ik me vorig jaar onmogelijk voor in kon schrijven, omdat de grens van 120 cursisten al binnen 7 minuten was bereikt. Ik was boos, geïrriteerd en verontwaardigd, zoals de titel van dat logje ook al zei en heb een flinke klachtenmail gestuurd.
Ik kreeg uiteindelijk als reactie: 'sorry, het is nou eenmaal zo'. Héél frustrerend. Maar ja. Daar kan je als machteloze student weinig aan doen.


Echter: misschien heb ik meer macht dan ik dacht. Of misschien hebben ze daarna nog eens 50 klachten binnen gehad en heeft dát zijn invloed gehad...
Hoe dan ook: dit jaar is er geen inschrijvingslimiet voor het vak. Iedereen mag mee doen, iedereen mag zich inschrijven.
Er wordt naar ons geluisterd. Er wordt écht geluisterd naar wat wíj vinden!
Écht wel fijn...

6 december 2007

Verbazing alom.

Met mijn capuchon over mijn hoofd getrokken liep ik door de miezer-regen zo snel mogelijk naar de bushalte. Koukleumend wachtte ik op mijn rit naar huis.
Ik zag de vrouw al aankomen. Het duurde even voordat ze de drukke weg naar het bushokje was overgestoken. Eenmaal bij mij aangekomen keek ze, duidelijk last-hebbend van het weer, naar mij en toen weer naar de regen.
Toen kwam de vraag die mij zo ontzettend verbaasde:
Heb je er last van als ik onder het afdakje rook?

Nee hoor, antwoordde ik in volle oprechtheid. (Bovendien had ik haar bij een ja-antwoord de regen in gestuurd.)

Een halve seconde later realiseerde ik me opeens hoe bijzonder deze vraag was, ondanks dat hij juist heel gewoon zou moeten zijn. Niemand vraagt ooit in het openbaar of in de buitenlucht of cafeetjes waar je (nu nog) mag roken, of omstanders last hebben van de rook. Deze mevrouw wel. Even wilde ik zeggen dat ik het bijzonder vond en dan vooral bijzonder vriendelijk en meedenkend dat ze dit aan me vroeg, maar ik liet het moment voorbij gaan.

Ik probeerde warm te worden.
Zij genoot van haar sigaretje.
En ik nog even van haar vraag.

4 december 2007

Niet eerlijk.

Zouden jullie het niet ook allemaal wat eerlijker vinden, als het op mijn verjaardag gewoon eens een keer lekker weer zou zijn?

Een graad of 20, warm zonnetje, zacht windje...



Maar nee:
Maximaal 8 graden celsius, 60% kans op regen en een sterke wind met stormachtige momenten.



Gelukkig creëer je gezelligheid zelf.

29 november 2007

Kleutervandaaltjes.

Kunnen al die kleuters die vinden dat ze zo nodig moeten 'protesteren' (ja, aanhalingstekens, of vinden jullie alles-slopen-wat-je-tegenkomt-zonder-te-weten-waar-je-het-over-hebt het woord zónder aanhalingstekens waard?) niet eens even hun rekenmachine erbij pakken en de simpele som 1040/40 uitrekenen? (Het kan zelfs uit je hoofd, maar dat kunnen ze tegenwoordig niet meer, schijnt.) En als ze die uitkomst hebben, willen ze zich dan even diep gaan zitten schamen in de schoolbanken en daar niet meer uitkomen totdat ze groot en wijs in plaats van klein en ontzettend dom zijn?

*diepe zucht*

Het zit zo: 1040 uur per jaar is verplicht. Een jaar heeft 40 schoolweken. Dat betekent dat er in één week 26 uur les moet worden gegeven. "Oh, jee, wat veel!" roepen die herrieschoppers. Nou, alsjeblieft zeg. 26 uur les is zo'n 5 uur per dag. Als ik in mijn middelbareschooltijd 5 uur per dag les had noemde ik zo'n dag 'lekker rustig', want dat waren er niet veel hoor. Meestal zat ik gewoon van half 9 tot 16 uur op school. Geen 5 maar 8 uur.
Ze mogen van mij een hoop beweren. Leraren moeten beter worden, prima. Schoolboeken moeten worden vernieuwd, prima. Meer interactief lesmateriaal, prima. Maar ga niet lopen zeiken dat 5 uur per dag les hebben te veel is, want dan gaat de echte wereld waarin 40 uur werken per week heel normaal is, zó hard tegenvallen...

*zucht*

Stelletje népprotestanten... Ga toch lekker met je lego/barbies spelen.